Other

Consultatieversie Beleidsregel Maatschappelijke betamelijkheid voor trustkantoren; ook interessant voor andere poortwachters!?

Maatschappelijke betamelijkheid of beter maatschappelijke onbetamelijkheid: financiële instellingen en trustkantoren moeten – al geruime tijd – aan deze wettelijke norm voldoen. Door de toegenomen aandacht van met name De Nederlandsche Bank (DNB) hiervoor, is dit het nieuwe ‘buzz word’ geworden.

Toegenomen aandacht betekent niet per definitie toegenomen duidelijkheid. Invulling van de norm “maatschappelijke (on)betamelijkheid” is en blijft, volgens de toezichthouder, primair de eigen verantwoordelijkheid van de poortwachters.

DNB heeft inmiddels wel – vanuit een wettelijke verplichting die geldt op grond van artikel 41 lid 3 Wtt 2018 – een ‘Beleidsregel inzake beleid, procedures en maatregelen aangaande maatschappelijk betamelijk handelen door trustkantoren’ ter consultatie voorgelegd. Zoals de titel van de beleidsregel al doet vermoeden wordt er in deze beleidsregel geen antwoord gegeven op wat wel en wat niet onbetamelijk is. Het is met name een beleidsregel van procedurele aard.

Niettemin kunnen er uit deze consultatie beleidsregel – ook voor niet trustkantoren – handvatten worden gedestilleerd die handig zijn bij het vormen van een eigen visie op maatschappelijke betamelijkheid. Zo geeft de toelichting bij artikel 2, lid 3, sub b aan: “Er kan niet worden volstaan met een limitatieve lijst waar alle zaken op staan die niet als acceptabel worden gezien. Het begrip maatschappelijke betamelijkheid is immers aan verandering onderhevig […]”. Een instelling zal immer een evenwichtige belangenafweging moeten maken. Alleen opereren binnen de vastgelegde grenzen van de wet is niet voldoende. Ook normen uit het ongeschreven recht moeten worden meegenomen, als ook aspecten omtrent milieu, duurzaamheid, mensenrechten, arbeidsomstandigheden, fiscaliteit die in de maatschappij spelen. En ook het simpelweg benoemen dat bepaalde richtlijnen of ontwikkelingen nauwgezet zullen worden gevolgd (bijv. de BEPS-ontwikkelingen), volstaat niet (meer). Artikel 3 geeft aan dat DNB verwacht dat bij het committeren aan – of publiekelijk onderschrijven van – nationale of internationale akkoorden, richtlijnen, convenanten of andere vormen van geformaliseerde samenwerking door een trustkantoor, het trustkantoor zorgt voor een concreet plan waarin wordt weergegeven op welke wijze het bereiken van de maatschappelijke doelen die die akkoorden, richtlijnen, convenanten nastreven binnen het trustkantoor wordt vormgegeven.

Daarnaast is er ook een nieuwe functie in het leven geroepen: artikel 2, lid 3, sub c van de conceptbeleidsregel vereist dat een functionaris of afdeling binnen het trustkantoor wordt aangewezen die verantwoordelijk is voor het creëren, agenderen en bestendigen van bewustwording bij de meest relevante organisatieonderdelen ten aanzien van maatschappelijk onbetamelijk handelen. Of deze functionaris of afdeling de compliance functionaris/afdeling zou moeten zijn, valt te bezien. Gezien de fluïditeit van het begrip maatschappelijke betamelijkheid, zou zeker ook een eerstelijns-medewerker of afdeling hier een belangrijke, zo niet de belangrijkste, rol in kunnen en moeten spelen. De toelichting bij dit artikel maakt duidelijk dat dit het bestuur uiteraard niet ontslaat van zijn verantwoordelijkheid.

Dit is slechts een selectie uit de concept beleidsregel, ook andere elementen kunnen relevant zijn. Voor nu is het wachten op de definitieve versie van deze beleidsregel. Als gezegd blijft de belangrijkste vraag van instellingen, namelijk welke invulling er aan het begrip maatschappelijke onbetamelijkheid inhoudelijk moet worden gegeven, immers onbeantwoord, oftewel daar moeten instellingen zelf mee aan de slag. Met behulp van de uitgezette lijnen kan wel inhoudelijk (nadere) invulling worden gegeven aan de norm maatschappelijke (on)betamelijkheid. Lees onze tips en verdere achtergronden over dit onderwerp in ons artikel ‘Poortwachters en maatschappelijke (on)betamelijkheid’ in het Tijdschrift voor Compliance van februari 2019: Poortwachters en maatschappelijke (on)betamelijkheid

Previous Post
Fiscale landenlijsten: never a dull moment!
Next Post
De Wwft en de informatiedelingsplicht over cliëntgebonden integriteitsrisico’s

Related Posts

No results found.

Menu